[S24] Genesis 35, 28-29 (Betrouwbaarheid: 3).
Genesis 35
[28] De dagen van Izak waren honderdtachtig jaar.
[29] Toen gaf Izak de geest en stierf en werd met zijn voorgeslacht verenigd, oud en van dagen verzadigd. En zijn zonen Ezau en Jakob begroeven hem.
[S8] Genesis 11, 29 (Betrouwbaarheid: 3).
Genesis 11
[29] En Abram en Nahor namen zich vrouwen; de naam van Abrams vrouw was Sarai, en de naam van Nahors vrouw was Milka, een dochter van Haran, de vader van Milka en Jiska.
[S9] Genesis 12, 4 (Betrouwbaarheid: 3).
Genesis 12
[4] Toen ging Abram op weg, zoals de HEERE tot hem gesproken had, en Lot ging met hem mee. Abram was vijfenzeventig jaar oud, toen hij uit Haran vertrok.
[S9] Genesis 12, 4 (Betrouwbaarheid: 3).
Genesis 12
[4] Toen ging Abram op weg, zoals de HEERE tot hem gesproken had, en Lot ging met hem mee. Abram was vijfenzeventig jaar oud, toen hij uit Haran vertrok.
[S11] Genesis 16, 3 (Betrouwbaarheid: 3).
Genesis 16
[3] Toen nam Sarai, de vrouw van Abram, Hagar, de Egyptische, haar slavin, nadat Abram tien jaar in het land Kanaän gewoond had, en gaf haar aan Abram, haar man, als vrouw voor hem.
[S19] Genesis 24, 51 (Betrouwbaarheid: 3).
Genesis 24
[51] Zie, Rebekka staat voor u. Neem haar mee en ga heen: laat zij de vrouw van de zoon van uw heer worden, zoals de HEERE gesproken heeft.
[S19] Genesis 24, 67 (Betrouwbaarheid: 3).
Genesis 24
[67] Toen bracht Izak haar in de tent van zijn moeder Sara. En hij nam Rebekka en zij werd hem tot vrouw en hij had haar lief. Zo vond Izak troost na de dood van zijn moeder.
[S18] Genesis 25, 20 (Betrouwbaarheid: 3).
Genesis 25
[20] Izak was veertig jaar oud, toen hij Rebekka, de dochter van Bethuel, de Syriër, uit Paddan-Aram, en de zuster van Laban, de Syriër, voor zich tot vrouw nam.